Praktische werkvormen per niveau
Je weet nu wat elk niveau inhoudt. Maar welke werkvorm past daarbij? Dit is waar de taxonomie van Bloom pas echt tot leven komt. Door bewust te kiezen voor werkvormen die het juiste denkproces stimuleren, geef je je deelnemers precies de uitdaging die ze nodig hebben.
Hieronder vind je per niveau een paar concrete voorbeelden:
🧠 Onthouden
Flashcards
Multiple choice quizzen
Geheugenspelletjes
💬 Begrijpen
Mindmaps maken
Samenvattingen schrijven
Uitleggen aan een ander
🛠️ Toepassen
Rollenspellen
Praktijkopdrachten
Simulaties
🔍 Analyseren
⚖️ Evalueren
🎯 Creëren
Nu je weet wat de taxonomie van Bloom is en hoe je het kunt toepassen, is het ook goed om stil te staan bij valkuilen. Want zelfs met een goed model kun je de plank misslaan.
Wat vaak misgaat (en hoe jij het voorkomt)
De taxonomie van Bloom biedt veel houvast als je hem goed gebruikt. Hieronder zie je drie fouten die we vaak tegenkomen en hoe jij ze eenvoudig kunt vermijden.
❌ Alle leerdoelen op hetzelfde niveau zetten.
Niet alles hoeft op ‘creëren’ te eindigen. Variatie is juist kracht.
❌ Het model alleen inzetten tijdens de startfase van het ontwerpen van een training.
Het model helpt ook bij het kiezen van werkvormen, feedbackmomenten en toetsing.
❌ Te abstracte of vage leerdoelen formuleren.
Gebruik actieve werkwoorden die gedrag beschrijven, zoals "leg uit", "pas toe", "evalueer", "ontwerp".
Als je deze valkuilen vermijdt, zet je de taxonomie van Bloom om in een krachtig ontwerpkompas. En met het stappenplan hieronder maak je die vertaalslag eenvoudig.
In 5 stappen een training maken met de taxonomie van Bloom
Klaar om zelf aan de slag te gaan? Gebruik dit stappenplan als leidraad:
1. Bepaal het gewenste gedrag
Wat wil je dat deelnemers anders doen na de training?
2. Koppel leerdoelen aan de niveaus
Stel leerdoelen op per niveau, afhankelijk van wat nodig is.
3. Kies passende werkvormen
Gebruik het overzicht hierboven voor inspiratie om werkvormen te kiezen die aansluiten.
4. Zorg voor herhaling en toepassing
Plan praktijkopdrachten of coachmomenten in.
5. Meet het leereffect
Gebruik observaties, toetsing of feedback om de leerdoelen te meten.
Een Learning Management System kan je hierbij helpen.
💡Tip: Combineer de taxonomie van Bloom met het 70-20-10 model. Waar de taxonomie van Bloom je helpt bij het formuleren van leerdoelen, laat het 70-20-10 model vooral zien hoe je leren organiseert. Door beide modellen slim te combineren, ontwerp je leertrajecten die zowel inhoudelijk sterk zijn als direct toepasbaar in de werksituatie.
Laat technologie je hierbij helpen!
Veel trainers gebruiken een Learning Management System om hun trainingen te organiseren. Vooral als zij meerdere trainingsprogramma’s voor verschillende klanten managen, maakt een LMS zoals Easy LMS dit makkelijker.
Het biedt:
✅ Alles op één plek: Geen losse tools of Excel-lijsten meer.
✅ Tijdwinst door automatisering: Administratieve taken worden voor je geregeld.
✅ Gepersonaliseerde leeromgevingen: Eigen branding en leerbehoeften per klant.
✅ Herbruikbare content: Gebruik trainingsmateriaal eenvoudig opnieuw.
✅ Inzicht met rapportages: Zie per klant en deelnemer wat werkt.
Door leerdoelen per niveau in je LMS te verwerken, structureer je niet alleen de inhoud, maar verhoog je ook de impact van je training.
👉 Benieuwd hoe dat eruitziet? Maak een gratis account aan en ontdek zelf hoe relaxed trainen kan zijn. Take it the easy way!
Nuttige bronnen